|
|
|
|
|
Transcraniële Magnetische Stimulatie;
een nieuwe behandelingsmethode voor patiënten
met een depressie?
L. Schrik, laborante K.N.F. D.L.J. Tavy, klinisch
neurofysioloog
|
|
Inleiding
Sinds midden jaren tachtig is de Transcraniële
Magnetische Stimulatie (TMS) in de K.N.F. bekend
als diagnostische methode. Tegenwoordig wordt
dit onderzoek onder de naam Motor Evoked Potential
(MEP) in meerdere medische centra in Nederland
uitgevoerd. TMS wordt gebruikt om de centrale
motorische geleidingstijd te bepalen, nuttig voor
de diagnostiek bij o.a. MS, cervicale myelopathie
en onbegrepen loopstoornissen. Recent onderzoek
geeft aan dat TMS mogelijk ook een rol zou kunnen
spelen in de behandeling van patiënten met
psychopathologie.
|
|
Transcraniële Magnetische
Stimulatie
TMS werd in 1985 voor het eerst beschreven door
Barker et al. Het is een methode waarbij men pijnloos
direct de hersenen kan stimuleren. Als stimulator
wordt een elektrische condensator met hieraan
een elektrisch geïsoleerde spoel ter grootte
van de handpalm gebruikt. Op het moment dat de
condensator wordt ontladen, creëert de korte
sterke stroomstoot een magnetisch veld. Hierdoor
wordt een elektrisch veld in elektrisch geleidend
weefsel opgewekt. Door nu de spoel vlakbij de
schedel te houden wordt volgens het hierboven
beschreven principe een elektrisch veld in het
hersenweefsel opgewekt. Met het toenemen van de
afstand vanaf de spoel neemt het magnetisch veld
in kracht af, zo worden vooral in de oppervlakkige
cortexlagen elektrische circuits gecreëerd.
In de loop der jaren hebben zich een aantal technologische
ontwikkelingen voorgedaan. Was de stimulusfrequentie
vroeger 0.3 Hz, nu is het al mogelijk frequenties
van 50 Hz toe te passen. Een ander voordeel is
de ontwikkeling van de achtvormige spoel. Met
de ringvormige spoel is het moeilijk nauwkeurig
focaal te stimuleren omdat het krachtigste deel
van het magnetisch veld zich aan de rand bevindt.
Met de achtvormige spoel ontstaan twee magnetische
velden die naast elkaar liggen en tegengesteld
draaien. Het krachtigste magnetische veld komt
nu op het kruispunt van de twee cirkels te liggen,
waardoor focale stimulatie wel mogelijk is.
|
|
Rapid rate Transcraniële
Magnetische Stimulatie
s Rapid rate Transcraniële Magnetische
Stimulatie (r-TMS) werkt volgens hetzelfde principe
als de hiervoor beschreven TMS. Het verschil is
alleen dat de stimuli, in van tevoren vastgestelde,
korte reeksen, met steeds dezelfde tijdsintervallen
tussen deze reeksen worden toegediend. Het idee
is nu dat bij medicatieresistente depressieve
patiënten r-TMS hetzelfde effect geeft als
Electroshock Therapie (ECT). ECT is een behandeling
die de B-adrenerge receptoren remt, wat bij een
redelijk aantal van deze medicatieresistente patiënten
een vermindering van de depressie geeft. Het nadeel
van behandeling met ECT is, dat ECT onder volledige
anaesthesie moet worden uitgevoerd. Bij ECT wordt
namelijk kunstmatig een insult opgewekt; wat zonder
anaesthesie natuurlijk zeer belastend voor de
patiënt is. Waarschijnlijk werkt r-TMS op
een zelfde manier op de B-adrenerge receptoren.
r-TMS is daarentegen een behandeling die de patiënt
zonder anaesthesie kan ondergaan en waarbij geen
insult wordt opgewekt.
|
|
Bijwerkingen
De toepassing van r-TMS heeft een relatief
mild bijwerkingspatroon. Omdat de ontlading van
de condensator een hard geluid geeft kan een tijdelijke
verlaging van de gehoorsdrempel optreden. Om deze
reden worden er oordoppen gebruikt door patiënt
en behandelaar. Bij gelijktijdig gebruik van metalen
meetelectroden kunnen brandplekken ontstaan. Insulten
kunnen optreden bij r-TMS, vooral bij patiënten
met pre-existente epilepsie. Tevens kan kortdurend
lichte hoofdpijn optreden, welke goed reageert
op een lichte pijnstiller. Contra-indicaties voor
TMS/r-TMS zijn: metalen implantaten in de schedel,
vaatclips, pacemaker en ernstige hartaandoeningen
. Veiligheid: In het voorafgaande stuk over de
bijwerkingen is de kans op insulten bij r-TMS
al even genoemd. Insulten kunnen optreden bij
patiënten die bekend zijn met epilepsie,
maar ook bij gezonde proefpersonen. Insulten bij
gezonde proefpersonen werden o.a. door Chen et
al en Jahanshahi et al in 1997 beschreven. De
oorzaak van het optreden van insulten kan liggen
in de stimulusintensiteit, het stimulusinterval
en de stimulusfrequentie. Uit onderzoek is gebleken
dat onveilig zijn: een interval tussen series
stimuli van 1 seconde of minder, een stimulusintensiteit
van 100% of 105% van de motorische drempel en
een stimulusfrequentie van 25Hz of meer.
|
|
Voorbeeldstudies
van behandeling met r-TMS
M.S. George et al beschreef in 1995 een groep
van 6 depressieve patiënten met een medicijnresistente
depressie. De groep werd behandeld met r-TMS.
Vier hadden baat bij de behandeling. Twee patiënten
hadden geen baat; zij reageerden ook niet op ECT.
Pascual-Leone et al schreef in 1996 een artikel
over een groep van 17 depressieve patiënten.
Ook deze groep patiënten werd behandeld met
r-TMS. Hieruit bleek dat 11 van deze patiënten
baat hadden bij de behandeling. Na stimulatie
van 5 achtereenvolgende dagen, bleef de verbetering
bij hen ongeveer 2 weken bestaan. Een "placebo-controlled
crossover trial" van M.S. George et al in
1997 wees uit dat dagelijkse behandeling met r-TMS
gedurende 2 weken, met als stimulatieplaats links
prefrontaal, het beste effect geeft.
|
|
Behandelingsprotocol
afdeling K.N.F. Ziekenhuis Leyenburg
Doel van het onderzoek: Depressieve episoden in
het kader ven een bipolaire stoornis zijn een
veel voorkomend fenomeen. Behandeling van deze
patiënten is vaak gecompliceerd, omdat het
risico bestaat dat er een omslag in een manie
kan ontstaan. De meest voorkomende behandelingen
zijn: - verhogen lithiumspiegel - geven van antidepressiva
- lichttherapie - ECT Ook als patiënten naast
deze medicatie een stemmingsstabilisator gebruiken
(lithium, carbamazepine, natriumvalproaat) kan
een manie geprovoceerd worden. Dit is dus een
belangrijke reden om te kijken of er naast bovengenoemde
behandelingen, nog alternatieve mogelijkheden
zijn voor de behandeling van een bipolaire depressie.
TMS als behandeling voor patiënten met depressie
in het kader van een bipolaire stoornis is naar
ons weten nog nooit onderzocht. Patiëntenpopulatie:
Vijftien ambulante patiënten, onder behandeling
bij een nabij gelegen psychiatrisch centrum, die
goed zijn ingesteld op een stemmingsstabilisator
en een depressief syndroom ontwikkelen.
|
|
Inclusie criteria
- de patiënten voldoen aan de criteria
van een bipolaire stoornis van het gemengde type
conform de DSM-IV (296.5x) - de patiënten
hebben geen ernstig somatisch of neurologisch
lijden - de patiënten zijn ingesteld op een
stemmingsstabilisator - de patiënten vertonen
een depressief beeld met minimaal een Hamilton
van 16 punten op de 17 items van de Hamilton Rating
Scale for Depression (HRSD) gedurende een periode
van twee weken - schriftelijke toestemming NB:
Hoewel er aanwijzingen zijn dat rechtshandige
vrouwen de grootste kans hebben op succes en linkshandigen
de minste, zullen allen worden geïncludeerd.
Links- of rechtshandigheid wordt genoteerd. Exclusie
criteria: - bekend met epilepsie of andere ernstige
neurologische aandoening - metalen implantaten
in schedel of pacemaker - ernstige hartaandoening
|
|
Opzet
De behandeling verloopt in samenwerking met
psychiatrisch centrum Parnassia in Den Haag. De
patiëntenpopulatie bestaat uit vijftien ambulante
patiënten die naar ons zijn verwezen door
dit centrum. De patiënten worden gedurende
5 achtereenvolgende dagen behandeld op de afdeling
KNF van ons ziekenhuis. Stimulatie vindt plaats
met een Dantec Magpro, met een achtvormige spoel
(binnen radius 50mm, buitenradius 100mm), pulse
width 48 µs, peak veld 1,4 Tesla. Tevens
wordt er EMG activiteit gemeten met oppervlakte
elektroden in een spier-pees montage op de m.dorsalis
interosseus I rechts en de m.extensor digitorum
communis rechts via een EMG apparaat Nihon Kohden
Neuropack 8. Ter voorkoming van gehoorschade wordt
tijdens de stimulatie door patiënt, arts
en laborant oorplugs gebruikt. Stimulatie: Gestimuleerd
wordt boven de linker hersenhelft, tangentieel
op de schedel. Eerst wordt door single puls stimulatie
de optimale stimulatieplaats van de m.dors. interrosseus
I bepaald. Vervolgens wordt hier de corticale
prikkeldrempel gemeten en uitgedrukt in % van
het totale vermogen. De plaats van magnetische
stimulatie voor de behandeling is met het centrum
van de spoel links pre-frontaal. In de literatuur
worden bij deze lokatie de beste resultaten bij
depressie bereikt (pascal Leone et al 1996). Deze
frontale lokatie bevindt zich 5cm frontaal van
de optimale stimulatiepositie voor de m. dorsalis
interosseus I. De spoel wordt gefixeerd met een
hiertoe speciaal ontworpen standaard. r-TMS vindt
plaats met een frequentie van 10Hz, duur 10 sec
(dus in totaal 100 stimuli) op 90 % van de motorische
drempel van de m.dors. interosseus I. De patiënt
krijgt in totaal 20 stimulatie series met steeds
1 minuut tussenpauze tussen de series. In totaal
dus 2000 stimuli. Gelijktijdig met de stimulatie
wordt het EMG van de m.dors. interosseus I rechts
en de m. ext.dig.communis rechts geregistreerd.
Een toename van EMG activiteit duidend op uitbreiding
van corticale excitatie, kan een voorbode zijn
van een focaal epileptisch insult. Indien dus
een toename van de EMG activiteit te zien is of
als er klinische verschijnselen van een insult
ontstaan wordt de stimulatie direct beëindigd.
Dit stimulatieprotocol valt binnen de normen van
de veiligheidsrichtlijnen zoals geformuleerd door
Wasserman et al in 1996. Stimulatie wordt uitgevoerd
door een klinisch neurofysioloog, met assistentie
van een laborant. Tevens is de kamer waarin wordt
geregistreerd ingericht om insulten te behandelen
en is er een reanimatiekoffer aanwezig. Uitkomstmaat:
Voor met de behandeling wordt begonnen, worden
er een aantal parameters genoteerd: HRSD score,
links-/rechtshandigheid, manieschaal score, sociodemografische
gegevens, medicatie en plasmaspiegel. Hierna volgt
5 dagen r-TMS behandeling. Na respectievelijk
1, 3, 6 en 18 weken wordt weer de HRSD score en
de manieschaal score genoteerd. Tevens wordt een
stemmingsstoornissenregistratie gemaakt.
|
|
Slot
Onderzoeksresultaten over de r-TMS behandeling
zijn nog niet bekend, aangezien het onderzoek
pas sinds 1 augustus 1999 is gestart. Natuurlijk
zullen we over de resultaten in de toekomst informeren.
We hopen dat ze positief zijn, zodat er niet alleen
voor de patiënt, maar ook voor de afdelingen
K.N.F. een nieuwe toekomst open ligt.
|
Literatuur
| Chen R. e. a. :
Safety of different intertrain intervals for repetitive
transcranial magnetic stimulation and recommendations
for safe ranges of stimulation parametes. Uit: Electroencephalography
and clinical Neurophysiologie, 1997. |
| George M.S. e.a.
: Mood improvement following daily left prefrontal
repetitive transcranial magnetic stimulation in
patients with depression: a placebo-controlled crossover
trial. Uit: Am. J. Psychiatrty, december 1997. |
| George M.S. e.a.
: Daily repetitive transcranial magnetic stimulation
(rTMS) improves mood in depression. Uit: Rapid Science
Publishers, oktober 1995. Jahanshahi M. e.a. : Rapid
rate transcranial magnetic stimulation - a safety
studie. Uit: Electoencephalography and clinicl Neurophysiology,
1997 |
Pascual-Leone A.
e.a. : Rapid-rate transcranial magnetic stimulation
of left dorsolateral prefrontal cortex in drug-resistant
depression. Uit: The Lancet, juli 1996.
Schouten E.A.M. e.a. : Transcraniële magnetische
stimulatie, een mogelijk nieuwe behandelingsmethode
in de psychiatrie. Uit: Tijdschrift voor Psychiatrie,1998.
|
| Wasserman E. : Risk
and safety of repetitive magnetic stimulation: report
and suggested guidelines from the International
Workshop on the Safety of Repetitive Transcranial
Magnetic Stimulation, June 5-7, 1996 Uit: Electroencephalography
and clinical Neurophysiologie, 1998. |
|
L. Schrik, laborante K.N.F.
D.L.J. Tavy, klinisch neurofysioloog
|
|
|